Kamp hervormt Antillen zonder problemen

bron: Nederlands Dagblad
datum: 14 juli 2009

KRALENDIJK - Sinds januari is Henk Kamp commissaris voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Van lastige politieke spelletjes heeft hij weinig last.
In Nederland raakt het geduld met de Antillen langzamerhand op. Maar Henk Kamp, sinds een halfjaar commissaris op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba, merkt niets van dat ongeduld: ,,Dat is gewoon niet aan de orde. Ik voer het besluit uit dat Bonaire, Sint Eustatius en Saba, kortweg de BES-eilanden, een deel van Nederland gaan worden.”
De onverstoorbare Kamp, ex-minister van Defensie, blijft tegenwoordig verre van de politiek. ,,Als Tweede Kamerlid had ik een controlerende taak, als minister liet ik me controleren. Maar als BES-commissaris ben ik nu een echte uitvoerder. Ik voer het beleid van de Nederlandse regering uit.”
Kamp zetelt in het Regionaal Servicecentrum op Bonaire, het kantoor waar Antilliaanse burgers terecht kunnen voor vragen aan de Nederlandse overheid. De commissaris is opgewekt en ontspannen, in zomerpantalon en overhemd met korte mouwen.

Vanaf zijn werkplek kijkt hij uit op drie vlaggen - de Nederlandse, Bonairiaanse en Antilliaanse - die zijn opdracht symboliseren. In oktober 2010 wordt de Antilliaanse vlag voorgoed gestreken. Het land Nederlandse Antillen houdt dan op te bestaan, de BES-eilanden krijgen de status van bijzondere gemeente binnen Nederland. De Nederlandse regering neemt alle vierhonderd taken van de Antilliaanse regering over.

Kamp, voor drie jaar benoemd, bereidt die overgang voor. Alle Haagse ministeries sturen kwartiermakers om hun gedeelte van die nieuwe overheid op te bouwen. Kamp coördineert de Nederlandse inspanningen en stemt die af met de overheid op de eilanden. Het opbouwen van een nieuwe overheidsdienst is een enorme impuls voor de drie eilanden. Van politie en justitie tot onderwijs en zorg: overal worden Nederlandse standaarden ingebracht. Nederlandse ministers zijn straks verantwoordelijk voor al die overheidstaken, dus Kamp kan geen broddelwerk afleveren.
De voortgang gaat sneller dan hij had voorzien, aldus Kamp: ,,De ministeries in Den Haag sturen goede mensen. Ik heb geen last van tegenwerking of bureaucratie.” Hij typeert de Nederlandse overheid als ,,een van de best georganiseerde ter wereld”.

Een deel van de Antillianen beziet dat met andere ogen. Vaak klinkt het verwijt dat Nederland zich arrogant opstelt, een houding aanneemt van: ‘wie betaalt, bepaalt’. Hoe voorkomt Kamp dat hij overkomt als een neo-koloniaal bestuurder? ,,Door transparant te zijn”, zegt hij en verwijst naar de ondoorzichtige wijze waarop het Antilliaanse bestuur vaak opereerde. Voor Antillianen is dat niks minder dan een revolutie. Ze krijgen veel betere voorzieningen, maar daar staat wel een strenger fiscaal regime tegenover: twintig Nederlandse ambtenaren helpen al enige tijd achterstallige belastingen te innen op Bonaire.

Verbetering

Kamp: ,,We zijn hier bezig met verbetering, niet met verslechtering. Neem het onderwijs. Eind vorig jaar bracht de Nederlandse onderwijsinspectie een vernietigend rapport uit over de kwaliteit van de scholen op de Antillen. We hebben samen met de overheid op de eilanden plannen gemaakt voor ingrijpende verbeteringen: er komen nieuwe schoolgebouwen, basisscholen krijgen ‘remedial teachers’ en schoolboeken worden gratis. We hebben de mooie opgave om dingen te verbeteren voor de bevolking.”

En wat betreft die vermeende arrogantie: ,,Nederland is bereid miljoenen te investeren in de renovatie van de start- en landingsbaan op Bonaire en de kades en pieren die de tropische storm Omar vorig jaar verwoestte. Maar Nederland wil ook zicht hebben op de plannen die daarvoor worden gemaakt en de besteding van het geld.”

Kamp heeft de reputatie een integer, rechtlijnig en besluitvaardig bestuurder te zijn. Maar hij is ook steil en een man van weinig woorden. Voelt hij zich als Achterhoeker thuis in de losse Caribische cultuur waar afspraak niet altijd afspraak is? Kamp glimlacht. ,,Ik probeer op een logische manier tot besluiten te komen. Iedereen mag meepraten. Maar als het besluit is gevallen, dan voeren we dat wel uit.”